Behandeling van OSAS

Apneu ontstaat door een blokkade van de bovenste luchtweg, dus moeten er manieren gevonden worden om de luchtwegen open te houden. 

 

Niet-chirurgische behandeling van OSAS

De niet-chirurgische behandeling van OSAS bestaat uit begeleiding en adviezen inzake het terugdringen van overgewicht, stoppen met roken, het matigen van alcoholgebruik en het afzien van het gebruik van kalmeer- of slaappillen. Daarnaast kennen we de CPAP en het MRA.

 

CPAP 

De CPAP is een soort luchtpomp. De pomp zorgt voor een geringe overdruk, waardoor ’s nachts de luchtwegen worden opengehouden. De luchtpomp is te vergelijken met een aquariumpomp. De pomp haalt extra lucht uit de slaapkamer en blaast deze via een slang en een masker in uw neus. Zo blijven uw luchtwegen open en worden apneus voorkomen.

De CPAP is de voorkeurstherapie bij ernstig osas. Het is vrij ingrijpend om iedere nacht met een masker op je neus te moeten slapen. Sommigen kunnen daar moeilijk aan wennen. Maar met name mensen met ernstig osas (en hun partner) ervaren de cpap vanaf nacht één als een verademing, omdat ze meteen de positieve effecten merken. Zij willen vaak niet meer zonder.

 

MRA (mandibulair repositie apparaat)

Dit is een soort gebitsprothese, die voor de patiënt individueel op maat wordt gemaakt. Deze prothese houdt de onderkaak naar voren, waardoor de keelholte gedurende de nacht openblijft. Zo nemen het snurken en/of apneus af. Het boven- en onderstuk van de prothese kunnen met een stelschroef worden versteld, zodat de juiste spanning wordt aangebracht. Onderzoek heeft aangetoond dat bij patiënten die een AHI hebben tot 30, de MRA even goed blijkt te werken als een CPAP masker. Een MRA is echter comfortabeler in het gebruik dan CPAP. Mensen die een MRA gebruiken zijn over het algemeen erg tevreden over het resultaat.

 

→ zie ook: behandeling met het mandibulair repositie apparaat

Chirurgische behandeling

KNO-ingrepen


- UPPP: was vóór 1996 de meest toegepaste ingreep bij de behandeling van slaapapneu. Onder algehele narcose werd een deel van de huig, keelamandelen en een randje van het zachte verhemelte weggehaald. Dit verruimt de luchtweg door de keel. Tegenwoordig kan dit ook met lasertechnieken. Het voordeel is dat laseren gefaseerd en poliklinisch kan plaatsvinden. Het nadeel van deze ingreep is de pijn bij het slikken gedurende de eerste weken.
Onderzoek wijst uit dat een goede UPPP operatie het aantal apneus of hypopneus met minimaal 50% kan verminderen. Opereren wordt alleen in specifieke situaties toegepast en met name bij mensen, die licht tot matig osas hebben en/of de cpap niet verdragen.

 

- Verbeteren neuspassage: Het verbeteren van de neuspassage is vaak het eerste waar men aan denkt bij snurken. Voor de vermindering van osas heeft het niet of nauwelijks betekenis. In principe kan de operatie in iedere kliniek worden uitgevoerd. Het gaat hierbij om chirurgische ingrepen, die de doorstroom van de ademhaling door de neus verbeteren. Bijvoorbeeld door het rechtzetten van een scheef neustussenschot. Of door het verbeteren van de passage bij onderste of middelste neusschelpen of neusamandelen. Voor de operatie blijft u meestal minimaal een dag in het ziekenhuis. Soms enkele dagen. Kleinere ingrepen gebeuren onder lokale verdoving. Bij grotere ingrepen is narcose noodzakelijk. Verbeteren van de neuspassage wordt voor osas wel toegepast om de effectiviteit van de cpap te vergroten.

 

- Somnoplastiek: Dit is een vorm van gecontroleerde littekenvorming door middel van hoogfrequente elektrische stroom. Het doel is overtollig weefsel van het zachte gehemelte te laten krimpen en verstrakken. Hierbij worden de huig en het zachte verhemelte stijver gemaakt met behulp van een naaldvormige elektrode. Ook dit gebeurt poliklinisch. Deze ingreep is minder pijnlijk dan UPPP, maar bij osas zijn de resultaten minder goed. De techniek wordt voornamelijk bij de lichte vormen van apneu en snurken toegepast.

 

- Vastzetten tongbeen: De officiële naam voor deze ingreep is hyoïdthyroïdpexie, ook wel hyoïdsuspensie. Bij deze ingreep wordt het tongbeen wat naar voren gehaald en vastgezet op het strottenhoofd. In een huidlijn in de hals wordt een snede van enkele centimeters gemaakt, de spieren onder het tongbeen worden doorgesneden. Het kraakbeen van het strottenhoofd en om het tongbeen worden gehecht, zodat deze op elkaar gefixeerd worden. Hierdoor ontstaat op het niveau van de tongbasis meer ruimte. Het effect van deze ingreep is groter dan bij het verstevigen van de tongbasis door radiogolven (RFTB).Hoewel het vastzetten van het tongbeen op het eerste gezicht een grote ingreep lijkt, valt dit in de praktijk erg mee. De meeste mensen kunnen na twee dagen het ziekenhuis verlaten.

 

→ zie ook: afdeling keel-, neus- en oorheelkunde

Chirurgische correctie van de kaakstand

Het is mogelijk om door middel van een kaakstandcorrectie een verruiming te krijgen van de bovenste luchtwegen. Door de onder- en/of bovenkaak naar voren te verplaatsen is het mogelijk een permanente verruiming van de luchtweg te krijgen.

 

→ zie ook: correctie van de kaakstand

 

Meestal worden de chirurgische behandelingen bij OSAS vooral aan die patiënten aangeboden die een neusmasker of een MRA niet verdragen of wanneer genoemde hulpmiddelen niet tot verlichting van de klachten leiden.

Dit werk is auteursrechtelijk beschermd ©  |  kaakchirurg  |  Privacy statement  |  Disclaimer  |  Kaakchirurgie St. Anna op Facebook
St-Anna - Kaakchirurgie Geldrop